|
|
Verslag Steungroep 7-6-2010
1. Werken aan draagvlak:
Er wordt gewerkt aan het vergroten van draagvlak door o.a. het schrijven van stukken, het live gaan van de website www.kinderopvangsamenverschillend.nl en het schrijven van de nieuwsbrief.
2. Vraag n.a.v. herziene inleiding:
‘Diversiteit, wordt het door pedagogisch medewerkers als probleem ervaren en zo ja op welk vlak?’
Voorbeelden:
- de opname van een gehandicapt kind
- probleemjongeren, lastige kinderen, hierbij focus op gedragsproblemen (NJI)
- taal, andere cultuur
Discussie
- Er wordt aangegeven dat de omgang met dergelijke diversiteit afhankelijk is van de kwaliteit en de houding van de medewerkers.
- Daarnaast wordt aangegeven dat diversiteit niet als probleem wordt ervaren bij 0-4 jaar, maar wel bij de BSO. De vraag die hierbij gesteld kan worden, is ‘wat kun je doen om mensen te triggeren?’. In principe zouden kinderen niet als probleem ervaren moeten worden, omdat het uitgangspunt, ieder kind is uniek, ervoor zorgt dat het kind centraal staat samen met zijn/haar (culturele) rugzak.
- Benadrukt wordt ook dat omgaan met diversiteit niet per se problemen als uitgangspunt heeft.
- De discussie gaat verder op het punt van diversiteit en omgang van witte, hoog opgeleide ouders. In Amsterdam-Zuid speelt nl. het omgekeerde. Witte, hoog opgeleide ouders en leidsters met hoofddoeken. Zij kijken naar de medewerkers en zien:
- mensen die niet goed Nederlands spreken/taal
- bescheiden leidsters
- vragen zich af, ‘wat leert mijn kind de hele dag?’
De ‘witte ouders’ formuleren dit soort zaken als klacht, maar ‘zwarte ouders’ doen dit niet. Er wordt aangegeven dat het hier gaat om ‘ongelijke relaties’ en ‘taal’. Ongelijke relaties waarin machtsverhoudingen een rol spelen. Taal wordt als probleem ervaren, want dan kan er niet goed worden gecommuniceerd met de ouders en daardoor is het weer moeilijker om een partnerschap met deze doelgroep aan te gaan.
Hoe geef je leidsters handvaten om goed met taalbarrières om te gaan?
‘Herkenning’ is een centraal mechanisme tussen mensen bijvoorbeeld pm-ers naar ouders, maar ook tussen kinderen. Daarnaast is het niet professioneel om alleen te reageren op ‘leuke ouders’. ‘Erover praten is makkelijker dan het te laten zien’. Een professionele houding wordt vereist vanwege je beroep,het gaat niet om moraliseren.
M.b.t. diversiteit = waardenbeleid, ‘hoe’ diversiteit in een organisatie is georganiseerd, om de cultuur in de organisatie. In de publicatie zou meer focus moeten zijn op pm-ers. Hierbij zorgen dat er aansluiting is op de Context Kinderopvang. Wat moet een pm-er kunnen doen in de groep ook vanuit de maatschappelijke context, praktisch gericht dus.
3. Critical Learning Community
De Critical Learning Community is een initiatief van de Bernard van Leer Foundation en wordt uitgevoerd door Child Care International. De Critical Learning Community is een denktank over sociale inclusie met als doel beleidsaanbevelingen doen voor policy makers..
Er zijn 12 wetenschappers geïnterviewd. Hieruit volgen aanbevelingen over waar men naartoe wil in Nederland. Items die aan de orde zijn geweest, zijn:
- culturele en sociale ongelijkheid: sommige kinderen hebben te weinig kansen door armoede en de sociale klasse problematiek.
- Wat moet er gebeuren om het onderwijs aan te passen aan het niveau waar mensen zitten?
- Welke mechanismen spelen er een rol?
- In hoeverre is VVE effectief?
- Hoe kunnen voorzieningen voor jonge kinderen meer geïntegreerd worden?
- Kinderen in voorzieningen bij elkaar, zodat kinderen meer kansen krijgen.
- Voorzieningen richting ouders en in samenhang met de buurtcontext.
4. Samenhang Pedagogisch kader 0-4 jaar, BSO en Samen Verschillend
Het concept van het Pedagogisch kader 4-13 jaar ligt er. De auteurs van de drie onderdelen van het Pedagogisch kader zijn bezig met onderlinge afstemming.
Samenhang
- Terminologie
- De drie onderdelen duidelijk ten opzichte van elkaar positioneren.
- Promotie: op sites en bijeenkomsten, zeer belangrijk.
|